De Straat van Hormuz — een knelpunt voor de wereldeconomie
Toen de militaire escalatie in het Midden-Oosten begon, steeg de prijs van Brent-olie naar 120 Amerikaanse dollar per vat — een niveau dat voor het laatst in juli 2022 was bereikt tijdens de Russische aanvalsoorlog tegen Oekraïne. De oorzaak: een extreem scenario waarvoor analisten al sinds de aanval van Hamas op Israël in oktober 2023 hadden gewaarschuwd, is werkelijkheid geworden — de Straat van Hormuz is feitelijk gesloten voor scheepvaartverkeer.
Inflatie als direct gevolg
Ongeveer 20 procent van het wereldwijde olietransport verloopt via deze zeestraat. De bevoorrading met vloeibaar aardgas (LNG), dat eveneens door de Golfstaten wordt geëxporteerd, is bijzonder kwetsbaar. De gevolgen zijn onmiddellijk merkbaar: in maart 2026 is de inflatie in Duitsland al gestegen tot 2,7 procent. Alleen al de energieprijzen stegen met 7,2 procent ten opzichte van dezelfde maand vorig jaar.
Het staakt-het-vuren brengt verlichting — maar nog geen reden tot geruststelling
Begin april was er even sprake van opluchting: na de aankondiging van een wapenstilstand van twee weken tussen Iran en de VS daalde de Brent-prijs binnen enkele uren van meer dan 104 naar iets minder dan 94 dollar. De situatie blijft echter kwetsbaar. Voor beleggers betekent dit dat energieaandelen, defensieaandelen en inflatiebestendige obligaties in de belangstelling komen te staan, terwijl energie-intensieve sectoren en consumptiegerichte ondernemingen onder druk blijven staan.
In een omgeving waarin energieprijzen politieke beslissingen overschaduwen en inflatieverwachtingen destabiliseren, is voor beleggingsportefeuilles meer nodig dan alleen een onderbuikgevoel — zij hebben behoefte aan gedisciplineerd, geautomatiseerd risicobeheer dat in realtime op schokken reageert.